Honderd en tien jaar geleden werden twee Lommelse inwoners, Peter Van Den Eynde en Elisa Poets, slachtoffer van de elektrische grensversperring, DE DODENDRAAD, door de Duitse bezetter opgericht tijdens de Eerste Wereldoorlog met de bedoeling om alle grensverkeer tussen bezet België en het neutrale Nederland tegen te gaan: spionage, Belgen die het leger wilden vervoegen, desertie uit Duits leger, smokkel...
Van alle gemeenten en steden langs deze versperring, van Knokke tot Aken, vielen in Lommel het grootst aantal slachtoffers. Aan de Dodendraad, die zo'n 330 km lang was en waarop 2.000 volt stond, kwamen meer dan 1.000 mensen om. Nog altijd zijn niet alle slachtoffers geïdentificeerd. Van alle gemeenten aan die Dodendraad telde Lommel het hoogste aantal dodelijke slachtoffers.
Kunstenaar Karin Van Ommeren ontwierp een kunstwerk om de slachtoffers te herdenken. Het kunstwerk kreeg een plaats aan de Blauwe Kei in Lommel.
"In het werk wilde ik verschillende elementen van de Dodendraad combineren", vertelt de kunstenares. "De verticale vorm van de palen, maar ook de draden en het lijden van de slachtoffers. Dat de persoon vrij hoog in de draden hangt, is een referentie naar het Christusbeeld. Op de achterzijde groeit een margriet, een symbool voor de Eerste Wereldoorlog. Doordat die naar de lucht en het licht groeit, staat het ook voor hoop en vrijheid."
Dit kunstwerk heeft de stad in bruikleen van de Stichting Charlotte J. van der Seijs



