Een aanrijding veranderde tien jaar geleden het leven van Mathieu Hendriks en zijn vrouw Maria Geens voorgoed. Dankzij de mantelzorg van Maria en professionele hulp van onder meer dagverzorgingscentra De Mantel en NOAH kan Mathieu toch thuis blijven wonen.
Op 5 april 2016 werd Mathieu samen met acht fietsvrienden in Gelderhorsten aangereden door een bestuurder die onder invloed was van drank en drugs. Hij zweefde dagen tussen leven en dood en lag bijna zes weken in coma. “Gelukkig heeft hij het gehaald, maar door het hersentrauma en later ook zware epilepsieaanvallen werd hij nooit meer de oude”, vertelt Maria.
Hoe gingen jullie daarmee om?
Maria: “Zelfstandig leven ging niet meer. Mathieu verbleef een tijd in een revalidatiecentrum, maar dat was niet evident voor hem en het gemis was groot. Daarom heb ik uiteindelijk beslist om hem terug mee naar huis te nemen. Aan andere woonvormen heb ik nooit gedacht. Ik wou vooral dat hij thuis kon blijven, dicht bij mij.”

Mensen denken soms dat zo’n centrum gewoon opvang is, maar dat klopt niet.
Wanneer kwam professionele ondersteuning in beeld?
“Onze neuroloog zei dat ik de zorg niet alleen zou kunnen blijven dragen en raadde dagopvang aan. Zo zijn we vijf jaar geleden uitgekomen bij dagverzorgingscentrum De Mantel in het Kapittelhof. De eerste keer dat ik Mathieu daar achterliet, was heel moeilijk. Maar ik zag al snel dat het hem deugd deed om onder de mensen te zijn én professionele zorg te krijgen. Ook voor mij was het goed om even op adem te komen.”
Wat betekent die hulp vandaag voor jullie?
“Ontzettend veel. Mathieu gaat nu drie dagen per week naar De Mantel en twee dagen naar dagopvang NOAH op het Michiel Jansplein. Zonder die ondersteuning zou het voor mij onmogelijk zijn om hem thuis te laten wonen. Door de zorg op deze manier te spreiden, lukt het nog. En dat is belangrijk, want thuis zijn betekent heel veel voor hem en mij. We kunnen elkaar niet missen.”
“Mensen denken soms dat zo’n centrum gewoon opvang is, maar dat klopt niet. Ze doen er activiteiten op maat, in kleine groepjes of individueel. Er wordt echt gekeken naar wat iemand nog kan en graag doet. In De Mantel helpen bewoners van de assistentiewoningen bijvoorbeeld mee in de moestuin en leerlingen komen spelletjes spelen. Dat sociale contact betekent veel.”

Hoe ziet jouw dagelijkse leven als mantelzorger eruit?
“Ik moet voortdurend bij Mathieu blijven en hem begeleiden. Als hij thuis is, gaat al mijn aandacht naar hem. Dat is logisch, maar ook fysiek en mentaal zwaar, zeker in het weekend. Wanneer hij door de week naar De Mantel of NOAH gaat, kan ik even ademhalen. Dan doe ik het huishouden en probeer ik tot rust te komen. Maar zelfs als Mathieu weg is, denk ik nog constant aan hem.”
Kan je nog genieten van kleine momenten samen?
“Zeker wel. ’s Avonds kijken we samen televisie en dan zegt hij soms: ‘Ik kan jou en de televisie niet missen (lacht)’. Zijn humor is hij gelukkig niet kwijtgeraakt, al maakt hij nu vaker dezelfde grapjes. Het is soms vermoeiend, maar zeker niet allemaal kommer en kwel. We lachen nog vaak samen, soms om de onnozelste dingen. Dat zijn de mooie momenten.”
“Wat ik het meeste mis, is een echt gesprek voeren. We praten nog wel met elkaar, maar het blijft oppervlakkig. Dat doet soms pijn.”
Mijn advies is vooral: wacht niet tot het te zwaar wordt om hulp in te schakelen.
Sta je er alleen voor?
“Gelukkig niet. Onze dochters, kleinkinderen, familie, onze huidige en vroegere buren … allemaal helpen ze mee. Soms neemt iemand hem mee voor een wandeling of een fietstochtje met de tandem. Vroeger ging dat gemakkelijker, nu wordt hij sneller moe. Maar alle hulp, hoe klein ook, maakt een verschil.”
Heb je nog tijd voor jezelf?
“Ik wandel graag en probeer af en toe eens met een vriendin koffie te gaan drinken. Maar dat schuldgevoel blijft moeilijk. Blijkbaar is dat typisch voor mantelzorgers: je vindt het lastig om hulp te vragen en om tijd voor jezelf te nemen.”
Welke boodschap wil je meegeven aan andere mantelzorgers?
“Veel mensen weten niet welke ondersteuning er bestaat en denken meteen aan een woonzorgcentrum. Maar initiatieven zoals De Mantel en NOAH kunnen een belangrijke tussenstap zijn. Mijn advies is vooral: wacht niet tot het te zwaar wordt om hulp in te schakelen.”
Hoe kijk je naar de toekomst?
“Ik hoop vooral dat ik op deze manier zo lang mogelijk voor Mathieu kan blijven zorgen. Zolang het thuis nog lukt, wil ik daarvoor blijven gaan.”
